
Foto: Stella Dekker
Noordpolderzijl – Sjoerdje Drijfholt (38) en Lisanne Dekker (30) openen op 24 juni een nieuwe camping in Noordpolderzijl. De plek is een aanbesteding van gemeente Het Hogeland, die het gebied nu uit handen geeft.
Rust, ruimte, stilte en donkerte. Dat moet je volgens Sjoerdje Drijfholt waarderen als je naar deze plek komt. “We willen het basic houden, met de focus op buitenbeleving. Iets groots zou afbreuk doen aan deze plek, omdat het zo aan het einde van de wereld is. Daar moet je niet te veel aan willen zitten”, aldus Drijfholt.
Tot april was de camping in handen van de gemeente, die de trekkershutten neerzette en de camperplekken creëerde. “Je merkt dat het niet hun taak is om zoiets te runnen”, vertelt Drijfholt. De gemeente vond daarom dat er een ondernemer met een duidelijk plan moest komen. Na een procedure waarbij verschillende geïnteresseerden hun plan presenteerden, werden Drijfholt en Dekker aangewezen als de uitgelezen personen.
Op de Dag van het Wad wordt de camping officieel geopend. Tijdens deze dag verzorgen de vrouwen een ontbijt met vijftig mensen op het Uithuizerwad. “Daarna komen we terug op de camping voor de opening en introduceren we onszelf”, vertelt Drijfholt. Of de camping in het puntje van het noorden straks publiek aantrekt, maakt Drijfholt zich geen zorgen. “We merken dat er vraag is naar het ontprikkelen en dichtbij de natuur komen. Mensen willen naar buiten.”
Het terrein is al open voor reserveringen van de trekkershutten en kampeerplekken. Volgens Drijfholt is er nog wel wat werk aan de winkel: “We gaan nu eerst op de korte termijn de hutten een upgrade en radicale schoonmaak geven en ervoor zorgen dat de camping iets meer in de tijdgeest van nu komt.” Ook voor de lange termijn liggen er al enige plannen klaar, waaronder een samenwerking met lokale ondernemers in de buurt.
Maar de schoonheid van de provincie laten zien, vinden Drijfholt en Dekker de grootste missie. “We zeggen weleens tegen elkaar: de aantrekkingskracht van de stad is als een magneet. Bezoekers van buitenaf weten de stad wel te vinden, maar wij willen ook dat ze de provincie ontdekken. Pas dan leer je echt je eigen achtertuin kennen.”
