Door: Tiemen Bosma
Vanaf 2 januari gaat Arriva in de ochtend- en middagspits twee extra treinen
tussen Groningen en Zwolle inzetten. Hoewel het op het oog aantrekkelijk lijkt
voor de reiziger, is het de vraag of meerdere vervoerders op hetzelfde spoor een
goed plan is.
Alhoewel ze “blij is met iedere trein die extra rijdt”, is Will Gerbers van reizigersorganisatie Rover ook sceptisch over de spitstreinen die Arriva tussen Groningen en Zwolle gaat rijden. “Dat je zegt: concurrentie op de rails: dat zorgt voor lagere prijzen? Dat moet ik nog eens zien.”
Nadat Arriva in september groen licht heeft gekregen om extra treinen tussen Groningen en Zwolle te laten rijden is het nu ook duidelijk hoeveel dit er zullen zijn. Vanaf 2 januari 2025 gaat de treinmaatschappij vier spitstreinen per dag inzetten, twee in de ochtend en twee in de middag. Op vrijdag rijden er meer treinen: vier in de ochtend- en vijf in de middagspits. De vraag is of de voordelen van een extra aanbieder op het spoor opwegen tegen de nadelen.
Nu Arriva op hetzelfde spoor als de NS gaat rijden, zijn er een aantal dingen die gaan veranderen. Zo moeten er bijvoorbeeld incheckpaaltjes van Arriva geïnstalleerd
worden op de stations die dat nog niet hebben, zoals Haren, Assen en Meppel. Dit
lijkt misschien simpel, maar volgens Gerbers kunnen de paaltjes voor hoofdpijn bij de
reiziger zorgen. “De reiziger krijgt meer mogelijkheden, maar moet meer nadenken.”
Ze schetst het volgende scenario: een reiziger komt aan op station Assen om de trein naar Groningen te nemen. Die checkt in bij NS, maar is te laat en mist de trein. Al wachtend op het perron blijkt dat de volgende trein een trein is van Arriva. Om die in te mogen moet de reiziger dus eerst uitchecken bij NS, en inchecken bij Arriva. Rover is volgens Gerbers al erg lang voorstander van een systeem waarbij de reiziger zich niet druk hoeft te maken bij welke aanbieder hij incheckt.
“Dat is mogelijk, maar dat is een politieke keuze. Wij kunnen dat wel willen, maar zolang de NS eigenaar is van die stations wordt dat ingewikkeld,” zegt Nikkie Smit van Arriva. Volgens haar is Arriva, net als Rover, een groot voorstander van vervoerderonafhankelijke paaltjes. De treinmaatschappij werkt hier al mee in Oost-Nederland, waar het samen met Keolis onder de noemer Blauwnet één incheckpaaltje heeft. Hierbij wordt achteraf berekend naar welke maatschappij het geld van de reiziger gaat.
Ook in Limburg heeft Arriva trajecten waarbij treinen van NS en Arriva op hetzelfde spoor rijden. Hoewel Arriva hier een app gebruikt waarbij mensen met locatiebepaling kunnen betalen door ‘in- en uit te swipen’, is de situatie ook hier niet perfect. De prijzen van de Arriva treinen zijn hier namelijk hoger dan die van NS op hetzelfde traject.
Daarnaast is het spoor tussen Meppel en Zwolle regelmatig de dupe van trein- en wisselstoringen. Deze flessenhals, die alle noordelijke treinen richting het zuiden moeten passeren is al jaren punt van discussie in de politiek. Extra treinen van Arriva zullen de situatie hier volgens Smit niet erger maken. “Dit kan prima, omdat wij nu de ruimte invullen die oorspronkelijk voor NS was bedoeld. Daarnaast hebben wij dit van tevoren goed onderzocht.”
Een grotere hoeveelheid treinen op dit traject zorgt volgens Gerbers niet per se voor meer storingen, maar er zullen waarschijnlijk wel meer mensen last hebben van toekomstige storingen. “Het vervelende is: als het daar nu misgaat, moeten er wel erg veel treintjes wachten.”
Arriva had oorspronkelijk een verzoek ingediend om tweeëntwintig treinen te laten rijden op dit traject. Dat het er, met uitzondering van vrijdag, maar vier per dag zijn geworden is dan ook een teleurstelling volgens Smit. Zij ziet een andere rolverdeling op het spoor voor zich: “Laat NS nou die lange afstandstreinen rijden, en ga de stoptreinen aanbesteden aan de regionale vervoerders.”
Het vervoerbedrijf is volgens haar geschikter om regionale treinen te rijden, omdat deze sneller kunnen optrekken. Hierdoor kunnen er extra haltes toegevoegd worden, zoals het geplande station in Staphorst.
Volgens Smit zijn de extra treinen ook een goede manier om meer mensen naar het ov te lokken: “Als je wil dat meer mensen de overstap nemen naar OV, moet je dat nu wel gaan stimuleren.”
