Door: Bas Drijfhamer

Foto: Balder van Uitert
Al jaren neemt het aantal Chinees-Indische restaurants in Nederland af. Veel restauranteigenaren kunnen geen opvolger vinden wanneer ze besluiten om met hun zaak te stoppen. Zo verdwijnt er langzaam een fenomeen dat diep geworteld zit in de Nederlandse restaurantcultuur. Wat gaat er verloren met het verdwijnen van een Chinees-Indisch restaurant?
“Ik geef hem even door aan mijn zoon, hij spreekt beter Nederlands dan ik”, klinkt het uit de telefoon. “Ik beheers de taal beter dan mijn ouders en ondersteun hen hier vaak in”, zegt Qiwei Lei (18) van restaurant China You Yi uit Beerta. “Als we bijvoorbeeld een belangrijke brief krijgen, vertel ik ze wat erin staat.”
Al van kleins af aan helpt Qiwei in het restaurant van zijn ouders. Het werken in een Chinees-Indisch restaurant is zwaar. De dagen zijn lang, volgen elkaar in rap tempo op en werknemers hebben in principe maar één vrije dag per week. “Maar op die vrije dag ben je eigenlijk ook niet vrij, want dan doe je inkopen”, vertelt Qiwei.
Het harde werken is een overblijfsel van de werkethiek van de eerste generatie Chinezen die aan het begin van de 20e eeuw naar Nederland kwam.
Immaterieel erfgoed
Tegenwoordig is Chinees eten heel gewoon, maar vroeger werd het gezien als iets exotisch. Het traditionele Chinese eten was eerst zelfs te pittig, waarna restauranthouders de smaak aanpasten. Er ontstond een combinatie van Chinese, Indonesische en Nederlandse smaken die goud waard bleek.
Naast de kwaliteit was ook de kwantiteit belangrijk, aldus Ineke Strouken, expert op het gebied van Nederlands erfgoed. “Vroeger stond lekker eten gelijk aan veel eten. Bij de Chinees kon je terecht voor grote hoeveelheden voor weinig geld.”
Sinds 2021 heeft de Chinees-Indische restaurantcultuur de officiële status van immaterieel cultureel erfgoed en wordt het erkend door het Kenniscentrum Immaterieel Erfgoed Nederland vanwege het unieke, multiculturele karakter van de restaurants.
Volgens Strouken wordt iets pas immaterieel erfgoed als het onder druk staat. “Dan ga je er bewust voor zorgen dat iets herinnerd blijft, je gaat het verhaal actief vertellen.” De plaats in de immaterieel erfgoed-inventaris draagt bij aan het voortbestaan van de Chinees-Indische restauranttraditie. “Er is een basis gelegd om de traditie toekomst te geven”, aldus Strouken.
Opvolgingsprobleem
Het overnemen van een restaurant is door de jaren heen veranderd, vertelt Qiwei. “De generatie van mijn ouders is meer vernederlandst, ze laten mij meer vrij dan dat ze zelf zijn geweest”, zegt hij. “In plaats van dat ze mij aansporen om het restaurant over te nemen, willen ze dat ik zelf kies wat het beste voor mij is.”
Qiwei twijfelt nog of hij later het restaurant wil overnemen en is daarom een ICT-studie begonnen. “De voor-en nadelen knokken een beetje tegen elkaar. De omzet maakt overnemen aan de ene kant aantrekkelijk, maar het ontzettend zware werk schrikt ook weer wat af.”
Restaurant als bindmiddel
Het restaurant van Qiwei’s ouders ligt in Beerta, een klein dorp in de buurt van Winschoten. De zaak is een ontmoetingsplaats, waar mensen bij het afhalen van hun maaltijd een praatje maken. Ook ontstaat er een band tussen de eigenaarsfamilie en de bewoners. “Dezelfde man komt al vijftien jaar lang elke week op woensdag of donderdag drie maaltijden afhalen. Met hem zijn we zelfs een beetje bevriend geraakt”, vertelt Qiwei.
Het Chinees-Indisch restaurant vertolkt deze rol in veel Nederlandse dorpen. In kleinere plaatsen zijn er naast de snackbar en de Chinees vaak geen andere restaurants, vertelt Strouken. “Het Chinese restaurant is een hotspot in het dorp, iedereen weet waar het zit en iedereen kent de eigenaren. Dit is vaak heel belangrijk voor de sociale cohesie binnen een gemeenschap.”
Een restaurant sluit: wat gaat er verloren?
Wanneer een Chinees-Indisch restaurant de deuren moet sluiten valt er niet alleen een horecazaak weg, maar ook een diepgewortelde Nederlandse traditie. “Het Chinese restaurant is met drie generaties meegegroeid, iedereen heeft wel een herinnering aan de eerste keer Chinees eten”, zegt Strouken.
Een maaltijd afhalen is voor veel mensen een moment van vastigheid geworden. Volgens Strouken verdwijnt er een vanzelfsprekendheid uit het dagelijks leven. “Iedere week ga je naar het buitenland, je stapt heel even in een andere cultuur. Zo’n traditie mis je pas als hij weg is en dan kan je hem bijna nooit meer terughalen.”
Toekomst
Mocht Qiwei besluiten om de zaak in Beerta niet over te nemen, zullen zijn ouders proberen hun zaak te verkopen. De kans bestaat dat het pand leeg komt te staan of dat er een ander type restaurant voor terugkomt. Qiwei beseft dat hij voor een moeilijke keuze staat. “Het restaurant heeft veel vaste klanten, voor hen zou het jammer zijn als het verdwijnt. Dat maakt mijn afweging enorm lastig.”
