Door: Jildou van der Woude

Foto door: Jildou van der Woude
Alle Groningse gemeenten en de vier noordelijkste Drentse gemeenten slaan de handen ineen tegen het initiatiefswetsvoorstel van JA21. De partij pleit voor het deels openhouden van gasputten als noodvoorziening. In een brief roept de samenwerking op om het wetsvoorstel niet in te dienen.
In 2024 kwam de gaswinning van het Groningenveld definitief tot een einde. De winningslocaties worden sindsdien één voor één met cement gevuld. JA21-kamerlid Daniel van den Berg en fractievoorzitter Joost Eerdmans willen stukken van het Groningenveld beschikbaar houden. In crisistijden zouden de gasputten moeten dienen als gasnoodreserve voor Nederland.
Groningen en Noord-Drenthe zijn fel tegen het voorstel. In een brief aan JA21 schrijven de provincies dat het voorstel breekt met beloftes van een definitieve sluiting. Het deels heropenen van het Groningenveld doet volgens hen geen recht aan de positie van de inwoner. Groningers zijn nog steeds de dupe van gaswinningen in de provincie en willen erkenning, herstel en perspectief, is de insteek van de brief. De Groninger Bodem Beweging (GBB) schaart zich achter de provincies. De beweging komt op voor de belangen van gedupeerde Groningers.
Eerder noemde Eerdmans het storten van cement in de gasputten een ‘historische blunder’. JA21 stelt dat er naar schatting 550 miljard kuub gas, ter waarde van zo’n 250 miljard euro, in de bodem zit. Het sluiten van de gasputten zet volgens de partij de leveringszekerheid van gas onder druk. Nederland zou daardoor genoodzaakt zijn duur gas te importeren, met hogere kosten voor burgers en bedrijven als gevolg, zegt JA21. Maar volgens de GBB biedt het openhouden van het Groningerveld geen realistische oplossing voor het probleem. De beschikbare hoeveelheid gas is volgens de beweging in een noodsituatie te beperkt.
