
Een week geleden deed de Groningse Piet Wiersma (25) mee aan de bekendste ultrarun van de wereld: de Comrades Marathon. Vijf uur en veertien minuten rende hij over Zuid-Afrikaanse wegen samen met zo’n 19.999 andere hardlopers. En dat 87 kilometer lang. Met drie seconden achterstand op zijn voorganger werd hij nipt tweede: “Ik ben opeens een beroemdheid in Zuid-Afrika.”
Het is zondagochtend 11 juni, een paar minuten voor half zes. Het is pikdonker in de Zuid-Afrikaanse stad Pietermaritzburg. De temperatuur? Het is niet warm in het oosten van het land. Het is najaar en de thermometer tikt amper vijf graden aan. De Groningse Masterstudent Piet Wiersma staat, samen met zo’n twintigduizend andere hardlopers, klaar voor de start. Hij weet wat hem vandaag te wachten staat: een loodzwaar parcours van 87 kilometer naar de kustplaats Durban. Vijf uur, veertien minuten en drie seconden later, wordt Wiersma door slechts één persoon verslagen, met maar liefst dríé seconden verschil. “Ja, dit was mijn snelste wedstrijd ooit. Maar ik zeg altijd: je mag er wel blij mee zijn, maar je moet er niet tevreden mee zijn.”
‘Wel enig talent’
Twee dagen na de race facetimet Wiersma vanuit zijn studentenkamer in Turijn, waar hij momenteel zijn scriptie schrijft voor de Master Global and Area Studies. Wiersma ziet er moe uit. Niet gek: hij is net twintig minuten thuis van het vliegveld, na een reis van 27 uur van Durban naar Turijn. Zijn groene sportshirt en atletische lichaam geven iets weg over zijn sportprestaties, maar verder ziet hij er uit als een doorsnee Groningse student. Terwijl hij een kop thee zet – flinke lepel honing erin – vertelt hij over hoe hij begonnen is met het rennen van ultraraces; hardloopwedstrijden die vaak meer dan honderd kilometer lang zijn.
Wiersma groeide op in Wildervank, maar halverwege de middelbare school besloot hij naar de Topsportschool Groningen te gaan om zijn sportcarrière door te zetten. Eerst met afstanden van vijf en tien kilometer, maar dat had niet het gewenste resultaat. “Ik merkte dat ik daar het talent niet voor had, daarom besloot ik om eens een langere afstand te proberen.” Als hij in 2019 zijn eerste wedstrijd van zestig kilometer loopt, wordt hij meteen eerste. En bij de volgende wedstrijd ook. “Daar bleek wel enig talent uit”, glimlacht hij bescheiden.
Eigenlijk komt hij dus pas net kijken in de wereld van het ultrarunnen. Bovendien is hij jong, fulltime student en heeft hij jaren geen trainers of sponsoren gehad: Wiersma doet het liever op eigen kracht. “Ik loop nu gemiddeld zo’n 110 tot 140 kilometer in de week, maar dat is niet zo heel veel voor mijn niveau.” Hij doet het hardlopen tenslotte maar ‘bij naast’ zijn studie. Toch is hij Nederlands recordhouder op de honderd kilometer.
Zuid-Afrikaanse wegen
Dat brengt hem terug naar vorige week zondag: De Comrades, het grootste hardloopevenement van Zuid-Afrika, en misschien wel van de wereld. “Eigenlijk is het te vergelijken met de Giro d’Italia. Je beseft pas hoe groot het is als je daar bent. De wedstrijd leeft enorm in Zuid-Afrika en langs het hele parcours wordt er hard gejuicht. Dat maakt het rennen mentaal een stuk makkelijker.” Toch is het geen makkelijke wedstrijd. “Rennend over Zuid-Afrikaanse wegen moet je goed kijken waar je loopt, er zitten namelijk overal gaten in de weg.”
Het is te vergelijken met de Giro d’Italia. De wedstrijd leeft enorm in Zuid-Afrika – Piet Wiersma
Zijn twee grote rivalen deze wedstrijd zijn de Zuid-Afrikanen Tete Dijana en Edward Mothibi, de winnaars van 2022 en 2019. Zij zijn bekenden van het terrein, terwijl Wiersma zijn debuut loopt. De teamgenoten proberen hem gedurende de wedstrijd een psychologische tik uit te delen: ze praten constant in hun eigen taal en helpen elkaar door de wedstrijd. “Dat was niet alleen fysiek heel zwaar, maar ook mentaal. Toch heb ik me daar niet gek door laten maken. Ik ben natuurlijk ook maar een onbekende naam tussen de beste lopers van de wereld, dus Dijana en Mothibi waren verbaasd dat ik op hun tempo mee bleef lopen. Maar ik wist: alles wat zij kunnen, dat kan ik ook.”

Op de vraag waar Wiersma het meest trots op is, antwoordt hij dan ook: zijn mentaliteit tijdens de race. “Ik loop geen ultra om ervan te genieten, maar ik geniet wel van het proces: ik hou van competitie. En uit dat gevoel van competitie haal ik veel plezier. Maar tijdens de wedstrijd ben ik alleen maar gefocust: het is een soort meditatieve toestand die je probeert te bereiken, waarin je alleen nog maar let op het ritme van je stappen en ademhaling. Dat moet ook, want als je dat niet doet, zijn deze afstanden veel te overweldigend.”
Mentale, fysieke en persoonlijke strijd
Dat de wedstrijd niet alleen lichamelijk en mentaal zwaar was, maar dat er ook op zijn gevoel werd ingespeeld, bleek toen Wiersma tot twee keer toe geen waterfles kreeg aangereikt bij de waterpunten. “Daar waren na de race achteraf veel mensen kwaad over. Maar het psychologische spel van de Zuid-Afrikanen was duidelijk.” Met nog tien kilometer te gaan lukt het Wiersma om Edward Mothibi in te halen: alleen Dijana staat nu nog tussen hem, een gouden plak en een geldbedrag van één miljoen Zuid-Afrikaanse rand; omgerekend goed voor zo’n vijftigduizend euro.
Alhoewel Wiersma alles geeft tijdens zijn eindsprint, bleek zijn tegenstander toch te ver. “Achteraf zag ik dat hij dichterbij was dan gedacht: misschien had ik het nog gered als ik eerder was gaan sprinten. Toen ik na afloop van de wedstrijd ook nog zag dat Dijana kapotter was dan ik, kwam dat hard aan”, vertelt Wiersma enigszins geëmotioneerd. “Ik was nog veel frisser en had dus eigenlijk meer kunnen geven. Dat is heel pijnlijk. Ik heb dan wel van zo’n 19.999 mensen gewonnen, maar ik mis wel de eerste prijs plus dat enorme geldbedrag, alleen door die drie seconden. Dat is teleurstellend en geeft een gemengd gevoel.”

Na het balen begint zijn prestatie toch te bezinken: “Ik heb dit toch maar gedaan als voltijd Masterstudent, zonder support en op eigen kracht. Toen ik dat steeds meer besefte, begon ik vrede te krijgen met mijn tweede plek. Dit was veruit de beste wedstrijd van mijn leven en ik ben de snelste debutant ooit. Op de terugweg naar huis kwam ik bijna niet normaal het vliegveld van Durban door omdat iedereen met me op de foto wilde. Ik ben dus opeens een beroemdheid in Zuid-Afrika, en in Nederland kent niemand mijn naam. Dat blijft grappig.”
Grote ambities
Het volgende doel voor de jonge Wiersma staat nu in ieder geval vast: “Door deze tweede plaats ben ik natuurlijk alleen maar gemotiveerder voor de Comrades van volgend jaar. Die wil ik winnen, en dat kan ik ook.” En verder? “Ik ga voor het wereldrecord op de honderd kilometer”, zegt de Groninger resoluut. “Ik word de eerste persoon ooit die honderd kilometer loopt in een tijd onder de zes uur, dat weet ik zeker.”

Bekijk hier de finish van de loop:
