Tuberculose in Groningen: een ziekte van toen en nu

Door: Nova Spier

Tuberculose (tbc) lijkt voor velen een ziekte van vroeger en armere landen, maar ook in Nederland komt de ziekte nog voor. De meeste tbc-patiënten per 100.000 inwoners worden gemeld in zuidoost Groningen en het grootste tbc-behandelcentrum van Nederland zit in Haren. Wie krijgt er nog tuberculose en hoe wordt dit behandeld?

Ooit was het volksvijand nummer één: de tering, ook wel bekend als tuberculose. “Tot de jaren 50 zijn er ongelofelijk veel mensen in Nederland dood gegaan aan tbc,” vertelt historica Jet Spits. Artsen keken machteloos toe hoe de ziekte mensen fataal werd. Toen eind jaren 50 medicijnen tuberculose de kop indrukte, verdween het snel uit het blikveld. “Mensen stopten met erover praten. Het was zo’n rotziekte, dat mensen er niks meer mee te maken wilden hebben.” Toch is tuberculose niet enkel iets uit het verleden.

In 2023 hadden wereldwijd naar schatting 10.8 miljoen mensen tuberculose. Dat blijkt uit een nieuw rapport van de World Health Organization (WHO). Met 1.25 miljoen mensen was tbc wereldwijd de dodelijkste infectieziekte in 2023. De ziekte komt het meest voor in arme landen in Zuidoost-Azië, Afrika en het westelijke deel van de Stille Oceaan, maar ook in Nederland. In 2023 werd bij 710 mensen tbc vastgesteld. Het hoogste aantal gemelde tbc-patiënten per 100.000 inwoners was in zuidoost Groningen. 

Dat 82% van de tbc-patiënten in het buitenland zijn geboren verklaart het hoge aantal patiënten in Groningen, waar in Ter Apel het grootste aanmeldcentrum voor asielzoekers zit. Zowel besmette mensen uit Ter Apel als de rest van het land kunnen terecht in het grootste van twee tuberculosecentra in Nederland: het Beatrixoord in Haren. Daar behandelen ze 100 tot 120 patiënten per jaar.

“In het Beatrixoord zien we een afspiegeling van de landelijke meldingen,” vertelt longarts Onno Akkerman van het UMCG. De meeste tbc-patiënten in Nederland komen uit Eritrea en Somalië, gevolgd door Marokko, Indonesië en Polen. “Gemiddeld zien we dertig tot veertig verschillende nationaliteiten in het tuberculosecentrum, vooral uit landen waar tuberculose veel voorkomt.” Naast asielzoekers nemen ook arbeids- en kennismigranten de ziekte mee.

Een klein deel van de patiënten in het Beatrixoord is geboren in Nederland. “Dat kan nog een besmetting van tientallen jaren geleden zijn. Je afweersysteem kan de tuberculose-bacterie jaren onder controle houden. Zodra je afweersysteem minder goed werkt door ouderdom, een zwangerschap of medicijnen kan je ziek worden,” legt Akkerman uit. Andere patiënten worden ziek nadat ze op reis zijn geweest in landen waar tbc nog vaker voorkomt. “Als je als backpackers in kleine busjes met twintig man zit en één iemand hoest die toevallig tbc heeft, kan je al besmet raken, hoewel die kans erg klein is.”

Bij Tuberculosecentrum Beatrixoord weten ze tegenwoordig beter hoe ze tuberculose kunnen behandelen dan vroeger. “Voor de Tweede Wereldoorlog was er nauwelijks een geschikte behandeling,” vertelt Spits. “In het voormalige sanatorium probeerden artsen vroeger mensen te behandelen met lucht, licht en lammetjespap.” Vanuit Groningen moesten mensen in een tbc-huisje of naar het sanatorium Beatrixoord. “Daar lagen patiënten verplicht op bed in lichte en goed geventileerde ruimtes. In combinatie met veel pap en goed eten moest dit hun weerstand verbeteren om zo zelf de ziekte te kunnen verslaan.” 

Tegenwoordig hoeft niet meer iedereen naar een behandelcentrum. Doordat moeilijk vast te stellen is of iemand besmettelijk is, moeten veel mensen een tijd geïsoleerd blijven. “De behandeling duurt meestal zes maanden en wordt vaak gestart in een ziekenhuis. Indien mensen de faciliteiten hebben kan dat thuis. Zo niet, dan komen veel mensen naar ons toe,” legt Akkerman uit. 

“Er is al heel veel veranderd in de behandeling van tuberculose,” vervolgt de longarts. “Doordat het in Nederland zo goed gaat met het behandelen van de ziekte is er weinig aandacht meer voor, maar die aandacht is wel heel belangrijk zodat ook in het buitenland meer mensen toegang krijgen tot de juiste behandeling.”

Geef een reactie