De Nederlandse jeugd zit te veel stil: is de Groningse jeugd in beweging te krijgen?

Door: Ines van den Berg

Sinds begin dit jaar organiseert Beweegteam Hogeland elke donderdagmiddag NSA (Naschoolse Activiteiten) in sporthal De Mencke in Uithuizen. Vlak na schooltijd stormen de kinderen al rennend en gillend de zaal binnen. “Hier kunnen kinderen na school lekker uitrazen,” vertelt sportcoach Sanne Bos (23).

“Terwijl wij vroeger altijd gingen buitenspelen,” begint sportcoach Aaltje Kinderman (31), “zitten kinderen nu te veel achter schermen.” Dit bevestigt ook bewegingswetenschapper Johan Koedijker: “We doen ons best, maar toch blijft het percentage kinderen dat voldoende beweegt hangen rond de zestig procent.”

Als reactie op die trend zette de gemeente Het Hogeland het Beweegteam Hogeland op. Zij moeten verschillende doelgroepen voorzien van beweegactiviteiten. De sporthal in Uithuizen is één van de achttien locaties waar het beweegteam NSA organiseert. Naast NSA voor basisschoolleerlingen, organiseert het beweegteam onder andere valpreventie voor ouderen en fietslessen voor migranten.

Voor de basisschoolleerlingen staat plezier in bewegen voorop. “Het ‘moeten’ moet eraf,” stelt Bos, “wanneer sporten niet verplicht is, is het leuk.” Niet alleen het fysieke aspect vindt ze belangrijk, maar ook de sociale kant. Kinderman sluit zich daarbij aan: “Kinderen die op school niet zo veel vrienden hebben, kunnen hier toch aansluiting vinden en samenspelen met anderen.”

Het einddoel van NSA is om doorstroom naar sportverenigingen te bevorderen. Verenigingen uit de gemeente worden uitgenodigd om clinics te geven. In de sporthoppers kunnen kinderen verschillende sporten uitproberen. Daarin ontdekken ze waar hun plezier en kwaliteiten liggen.

In onderstaande kaart zijn alle sporthopper activiteit voor de periode lente-zomer 2026 te vinden. Inschrijven voor de cursussen kan van 14 januari tot en met 10 februari.

Wat is er leuker dan buitenspelen?

Het uur spelen in de sporthal is nog een blok in de al zo volle agenda’s van de huidige jeugd. Het aantal momenten om vrij te spelen is sterk afgenomen ziet bewegingswetenschapper Sanne de Vries. Ook ouders hebben vaak niet genoeg tijd om hun kinderen van en naar sport te brengen. Dan is het soms makkelijker om thuis een kind voor een scherm te zetten, voegt De Vries toe.

Daarnaast heersen er ook angsten voor de buitenwereld. Het verkeer is toegenomen en de perceptie van sociale veiligheid is afgenomen. Kinderen zijn bang voor pesterijen, maar ook voor onbekende volwassenen.

“Aanbellen doe je tegenwoordig ook niet zo vaak meer,” stapelt De Vries daarbij op. Doordat kinderen denken dat er geen anderen zullen zijn om mee te spelen, gaan ze ook niet naar buiten. De Vries ziet in haar onderzoek een groei in sociale gêne die nog niet geheel te verklaren is.

Binnen zoeken ze elkaar wel op in de online wereld. Naast fysieke nadelen van binnen gamen, heeft het ook een negatief effect op de creativiteit. “Alles is uitgedacht in games,” legt De Vries uit, “wat de bedoeling is en wat niet.” Daarom vinden kinderen speeltuinen vaak maar saai. Ze weten soms niet wat de ‘bedoeling’ is van speeltoestellen.

Jong geleerd is oud gedaan

“Wat kan je hier precies mee doen?” vraagt een meisje bij een kast in de sportzaal. Het lijkt het verlies aan creativiteit te bevestigen. Toch zien Bos en Kinderman dat niet zo. Ze leggen hoepels, springveren en matten in de zaal en kinderen bedenken zelf wat ze ermee doen.

In de zaal rennen, springen, koprollen en apen de kinderen elkaar na. “Jong geleerd is oud gedaan,” zegt De Vries, “het is belangrijk om jong een fundament in gedrag, gewoontevorming en vaardigheden te leggen.” Koedijker ziet daarin jong sporten als goede voorspeller voor bewegen op latere leeftijd. “Als je voor je achtste levensjaar bepaalde vaardigheden niet ontwikkelt, kan je veel sporten niet beoefenen wanneer je ouder bent,” legt De Vries uit.

Koedijker ziet dat de motorische vaardigheden van kinderen aanzienlijk zijn de afgelopen twintig jaar. De opgestelde richtlijnen gebaseerd op kwantiteit zijn een eigen leven gaan leiden. Koedijker zou juist meer aandacht willen voor de kwaliteit van bewegen.

Tikkie, jij bent hem

Beweegteam Hogeland hoopt met flyeren en mond-tot-mondreclame meer jeugd aan te trekken. NSA begon met een klein clubje kinderen, maar na een paar weken zijn het er al twintig tot dertig. Toch is het vaak de groep die extra bewegen het hardst nodig heeft, die het moeilijkst te bereiken is.

Er zijn geen snelle oplossingen voor de beweegcrisis waar we ons in bevinden, maar gemeente Het Hogeland geeft een goed voorbeeld. Het ene uurtje in de zaal is niet genoeg in de week. Toch leidt het wel tot meer beweegmomenten. De kinderen krijgen spelinspiratie en laten thuis hun kunstjes nog eens zien.

De speelmiddag sluiten ze af met tikkertje. De vraag is welke gemeenten in Nederland als volgenden het voorbeeld van Het Hogeland zullen volgen.

Geef een reactie