We worden verwend met ons drinkwater, maar het is geen bodemloze put

Door: Hans Overmaat

Foto: Hans Overmaat

Drinkwater dreigt het nieuwe stroomnet te worden: te veel vraag, te weinig ruimte. Dat is de boodschap van de Bouwtafel Waterzuinige Wijken, een initiatief van meer dan zestig organisaties, waaronder meerdere gemeenten, provincies en waterschappen. De Bouwtafel presenteerde dinsdag 16 juni het Manifest Waterzuinige Wijken aan Tweede Kamerleden. Het verzoek aan de politiek is om een duidelijke koers te varen wat betreft het drinkwatergebruik in Nederland. Met als kern waterzuinig bouwen, want er dreigt in 2030 een tekort te komen aan ons drinkwater zoals we het kennen. Het roept de vraag op: moeten we in de toekomst anders omgaan met ons drinkwater?

In Nederland zien we drinkwater van hoge kwaliteit als vanzelfsprekend: voor slechts een paar euro per maand komt er water uit de kraan, gezond en zuiver. Vewin, de Vereniging voor Waterbedrijven in Nederland, brengt onze drinkwaterproductie en -gebruik in kaart. De meest recente cijfers zijn van 2024. In dat jaar werd er 1160 miljoen kubieke meter aan drinkwater geproduceerd. 

De Nederlander gebruikt gemiddeld zo’n 117 liter drinkwater per dag en niet alleen om het op te drinken. Het grootste deel van ons drinkwater gebruiken we tijdens het douchen (42,2 liter), het doorspoelen van de wc (27,6 liter) en het wassen van onze kleding (15,4 liter). Slechts 2 procent van ons drinkwater wordt daadwerkelijk opgedronken.

Om drinkwater te besparen, lijkt het een logische stap om niet meer alles te doen met dat schone drinkwater. Toch is dat ingewikkelder dan het lijkt. Koen Zuurbier, strategisch adviseur drinkwater bij drinkwaterbedrijf PWN in Noord-Holland, legt dit uit: “Om ook ander water naar een huis te voeren, zijn extra leidingen nodig. Het installeren van een goed werkend leidingsysteem gebeurt niet zomaar, zeker niet bij bestaande huizen”, zegt hij. Daarnaast is het niet zonder gevaar. “Je moet erop letten dat die twee leidingsystemen niet met elkaar in de knoop raken. Je wilt voorkomen dat er per ongeluk regenwater uit de kraan komt.”

Verwend

We worden in Nederland verwend met ons water, vindt Ruud Schotting, hoogleraar kwantitatief watermanagement aan de Universiteit Utrecht. “Schoon drinkwater is altijd een zekerheid geweest in Nederland. Voor een paar euro in de maand krijgen we enorm veel schoon drinkwater naar ons huis toegebracht. Je hoeft alleen maar de kraan open te draaien en het komt eruit. Hetzelfde geld betaal je voor een koffie of biertje op het terras. Doordat het zo goedkoop is vergeleken met andere dingen, ziet men eigenlijk de waarde niet in die het heeft.” 

Toch moeten die waarde toch meer gaan koesteren in de komende jaren, want die vanzelfsprekendheid van schoon drinkwater staat onder druk, zegt dus de Bouwtafel Waterzuinige Wijken. Ook het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) waarschuwt hiervoor in een rapport uit 2023. De vraag naar drinkwater groeit onder andere door klimaatverandering en een groeiende bevolking. Het RIVM verwachtte toen al dat er in 2030 honderd miljoen kubieke meter meer drinkwater geproduceerd moet worden dan in 2020. Ter vergelijking: per persoon gebruiken we ongeveer 46 kubieke meter drinkwater per jaar. Een grote stijging dus, terwijl het aanbod juist daalt.

Vervuiling

In Nederland halen wij ons water voor het grootste deel uit grondwater (zestig procent) en uit oppervlaktewater (34 procent). Volgens woordvoerder van het RIVM Coen Berends ligt de grootste uitdaging bij die tweede bron: “Het grootste probleem ligt bij het oppervlaktewater. Dan heb je het bijvoorbeeld over de Rijn en de Maas, maar ook over andere plekken. Die plekken raken steeds meer vervuild. We gebruiken met z’n allen steeds meer medicijnen en de resten daarvan komen regelmatig in ons oppervlaktewater terecht.” 

Aanvullend benoemt Berends PFAS ook als risico voor vervuiling van ons oppervlaktewater. PFAS is een verzameling van chemische stoffen die lastig zijn af te breken en op bijna alle plekken in onze natuur zit, ook in ons water. “Het kost waterbedrijven steeds meer moeite om die vervuilingen uit ons water te krijgen. Op dit moment lukt ze dat nog, maar ze moeten er steeds meer moeite voor doen”, zegt Berends. 

Schotting wijst op nog een risico voor onze rivieren. “Door klimaatverandering stijgt onze zeespiegel. Tegelijkertijd zorgt klimaatverandering er ook voor dat de zomers steeds droger worden en dat er minder zoet water vanuit de bergen door de Nederlandse rivieren stroomt. De combinatie van die factoren zorgt ervoor dat er zout water vanuit zee de rivieren binnendringt. Daarmee wordt het rivierwater zouter en dat is moeilijker om te zetten in drinkwater.” 

Ook bij grondwater zijn er risico’s. Grondwater is – zoals de naam doet vermoeden – water dat in onze grond is opgeslagen. Neerslag zakt door de grond naar beneden en wordt tijdens dat proces op een natuurlijke manier gezuiverd. Daardoor is het gemakkelijk om te gebruiken als drinkwater. Zuurbier vertelt dat zij ook te maken hebben met vervuiling, maar dan bij het grondwater dat zij gebruiken: “Wij zitten in een laag deel van Nederland en daar is veel water. Het is dus niet het geval dat wij te weinig water hebben.” Maar, omdat zij laag liggen, stroomt het water langs veel plekken voordat het hen bereikt. Dat geeft kansen aan vervuilende stoffen om in het water terecht te komen. “Wij moeten heviger zuiveren dan in het verleden”, zegt Zuurbier. “Dat komt omdat er meer stoffen bij zijn gekomen die in het water terecht komen. Dat zijn bijvoorbeeld PFAS en medicijnresten, maar je ziet ook dat bestrijdingsmiddelen uit de landbouw ook het grondwater bereiken.” 

In hogerliggende delen van het land zijn er andere problemen die zich voordoen, volgens Zuurbier: “Die plekken zijn gevoeliger voor droogte. Daar is het vooral belangrijk om het water goed vast te houden en niet te snel af te voeren.” 

Dat het risico reëel is, blijkt uit een bericht van waterbedrijf Vitens van 18 juni 2026. Het bedrijf, dat meerdere provincies van water voorziet, waarschuwt dat er deze zomer mogelijk minder drinkwater beschikbaar is in Noord-Oost Twente. Al langere tijd was er nog maar net genoeg water beschikbaar in die regio, maar deze zomer zou het dus kunnen dat er onvoldoende drinkwater beschikbaar is. 

Het is niet zo dat we in de toekomst om zullen komen van de dorst, maar bodemloze put aan drinkwater die wij gewend zijn, bestaat niet meer.

‘Word geen douchebag’

Om ons hoofd in de toekomst boven water te houden, zijn er verschillende opties. De Bouwtafel Waterzuinig Wonen heeft een concrete oplossing: waterzuinige woningen. De belangengroep wil dat de overheid een duidelijke koers kiest waarin waterzuinig bouwen, met waterzuinig sanitair en het hergebruik van regen- en afvalwater de norm wordt.

Ook John Grin, hoogleraar overheidsbeleid en bestuur, ziet op dit gebied kansen. “Mensen zouden bijvoorbeeld regenwater kunnen gebruiken voor het bewateren van hun tuin en ook waterzuinige wc’s zijn een optie. De politiek kan hierin het gesprek op gang brengen door middel van bijvoorbeeld burgerraden. De politiek is terughoudend, want dit onderwerp ligt gevoelig bij mensen. Door middel van een burgerraad komen mensen in gesprek met elkaar. Dan kunnen er ideeën naast elkaar worden gelegd en gaan mensen zich realiseren dat die niet altijd het leven moeilijker maken. Als de politiek zelf met dat soort maatregelen zou komen, zouden die leiden tot groot protest onder de mensen.”

Ook Zuurbier vindt dat de samenleving anders moet gaan kijken naar drinkwater. “De overheid heeft de campagne gestart Word geen douchebag met het advies aan mensen om korter te douchen. Een derde van ons drinkwatergebruik komt door douchen, dus dat zal al een groot verschil maken.” Toch moet er meer gebeuren, volgens hem: “Onze bevolking, met name in de Randstad, blijft groeien en daar valt niet tegenop te bezuinigen. Er zal dus ook geïnvesteerd moeten worden in de productie van drinkwater.” 

Van de politiek verwacht hij daarin daadkracht: “Bestuurders moeten lef tonen om ons in staat te stellen ons werk te doen. We moeten investeren in waterzuinig bouwen, maar ook in de instandhouding van het huidige systeem.”

Geef een reactie