Steeds meer laaggeletterde jongeren in Groningen: “Jongeren zijn nooit een prioriteit geweest afgelopen tijd”

Auteurs: Kim Mulder en Sanne Breimer

Lees de makkelijke tekst hieronder:

  • Linda Hageman geeft advies aan de gemeente over dit plan. Zij vindt dat de gemeente nog niet genoeg aandacht heeft gegeven aan het helpen van laaggeletterde jongeren.
  • De gemeente heeft veel gedaan aan laaggeletterdheid. Maar niet zo veel voor laaggeletterde jongeren.
  • Jint Hoeksema begeleidt taalambassadeurs. Taalambassadeurs zijn mensen die zelf moeite hebben (gehad) met lezen, schrijven, rekenen of digitale vaardigheden. Zij willen anderen inspireren door hun ervaringen te delen.
  • Jint Hoeksema vindt ook dat de gemeente te weinig heeft gedaan voor laaggeletterde jongeren. Maar zij denkt ook dat de gemeente moest kiezen omdat laaggeletterdheid zo breed is.

  • In Groningen wonen veel armere gezinnen. De ouders van deze gezinnen vinden taal en rekenen vaak moeilijk.
  • Er groeien dus veel kinderen op in gezinnen waar ouders de taal niet goed beheersen.
  • Deze ouders stimuleren de kinderen niet om te gaan lezen, schrijven en rekenen. Want zij vinden dit zelf ook lastig.
  • Daardoor geven de ouders hun laaggeletterheid door aan de kinderen.

  • Veel jongeren schamen zich omdat zij laaggeletterd zijn. Dit komt doordat zij net van school komen. Er wordt dan van je verwacht dat je kunt lezen, schrijven en rekenen.
  • Daarom vragen laaggeletterden pas om hulp als ze al wat ouder zijn.
  • Laaggeletterdheid begint eigenlijk al thuis. Omdat ouders het doorgeven aan de kinderen.
  • Kinderen gaan daarom met een achterstand naar school. Deze achterstand kunnen scholen bijna niet inhalen.
  • Op school worden er veel nieuwe lessen gegeven. Die gaan niet over rekenen en taal. Door de nieuwe lessen is er minder tijd voor lezen, schrijven en rekenen op school.
  • Op ROC's en mbo-scholen is er ook weinig tijd voor rekenen en taal. Hierdoor worden laaggeletterden minder goed in lezen, schrijven en rekenen.
  • Laaggeletterden komen daarom van school terwijl ze rekenen en taal nog lastig vinden.
  • Als laaggeletterden op zoek gaan naar werk, kiezen ze werk dat je met je handen doet. Dan gebruik je geen taal en rekenen meer. Daarom verleer je dit.
  • Doordat de ouders niet goed zijn in taal en reken, leren hun kinderen dit ook niet. Dit gebeurt steeds opnieuw. Ze verwachten daarom dat er steeds meer laaggeletterde jongeren komen.
  • Laaggeletterde jongeren zijn goed in het gebruiken van technologie. Jongeren gebruiken dit om sollicitatiebrieven mee te schrijven. Zo valt het niet op dat ze niet zo goed zijn in taal en rekenen.
  • Er is veel hulp in Groningen beschikbaar voor laaggeletterden. Maar jongere laaggeletterden gebruiken die hulp bijna nooit.
  • Daarom zijn laaggeletterde jongeren moeilijk te bereiken door organisaties die willen helpen.
  • Ook vinden veel mensen het moeilijk om laaggeletterdheid te herkennen. Zij weten niet wanneer iemand laaggeletterd is. Daardoor worden er weinig laaggeletterden doorverwezen naar taalhuizen om hulp te krijgen.

  • Laaggeletterde jongeren vermijden het gebruik van taal en rekenen.
  • Dit doen ze door foto's en spraakberichten te sturen in plaats van geschreven berichten. Ook gebruiken laaggeletterde jongeren vaak straattaal als ze iets typen. En ze scannen QR-codes, zodat ze geen taal te hoeven gebruiken.
  • Laaggeletterde jongeren vermijden situaties. Zoals het invullen van formulieren.
  • Ze zoeken dan iemand die dat voor ze wil doen die wel kan lezen en schrijven.
  • Laaggeletterde jongeren vertellen vaak verhalen zonder begin, midden en eind. Dit maakt het verhaal onlogisch.

  • Voor het aanpakken van laaggeletterdheid werken veel verschillende partijen samen.
  • Tot nu toe heeft de gemeente Groningen vaak gekeken naar het lesgeven aan laaggeletterde volwassenen.
  • Er zijn ook veel trainingen gegeven, zodat mensen eerder weten wanneer iemand laaggeletterd is. Dan kunnen zij eerder laaggeletterden doorsturen om geholpen te worden.
  • Als laaggeletterden doorgestuurd worden, komen ze bij een taalhuis of ROC terecht. Hier helpen ze laaggeletterden met schrijven, lezen, rekenen en luisteren.
  • De GGD geeft cursussen over gezondheid. Maar hier wordt ook aandacht gegeven aan taal en rekenen.
  • Vanaf volgend jaar komt de gemeente met een nieuw plan. Dit plan gaat meer over laaggeletterde jongeren.
  • De gemeente wil in dit plan ervoor zorgen dat het hele gezin leert lezen, schrijven en rekenen. Dat zorgt voor minder laaggeletterdheid.
  • De gemeente wil samen met jongeren nadenken over laaggeletterdheid.
  • De gemeente gaat mensen trainen om laaggeletterdheid bij ouders te herkennen. Dan kunnen ze het niet meer aan hun kinderen overdragen.

GRONINGEN – In de gemeente Groningen zijn er ongeveer 22.000 laaggeletterde inwoners. Van deze laaggeletterden is twintig procent een jongere tussen de 18 en 30 jaar. Hoe kan het dat er relatief meer laaggeletterde jongeren in Groningen zijn vergeleken met heel Nederland? Hoe herken je ze? En wat wordt eraan gedaan?

De spuit met insuline verdween in de sinaasappel. Want zo moet dat toch? Zo deden ze het voor in het voorlichtingsfilmpje over diabetes, dus dan zal het wel kloppen. De bijsluiter lezen gaat niet, die letters zijn te klein en de woorden te moeilijk. Maar hoe kan het dan dat ik me nog steeds niet lekker voel? 

Dit is een situatie die een laaggeletterde werkelijk heeft meegemaakt, vertelt Mariça van de Weerd, deskundige op het gebied van laaggeletterdheid. Voor laaggeletterden is het erg moeilijk om bijsluiters te begrijpen. Als je laaggeletterd bent heb je namelijk moeite met lezen, schrijven en/of rekenen. Ook vinden sommige laaggeletterden het moeilijk om met een computer of smartphone om te gaan. 

De gemeente Groningen telt bijna 22.000 inwoners die laaggeletterd zijn. Eén op de vijf van deze laaggeletterden is tussen de zestien en dertig jaar. Dit percentage ligt een stuk hoger dan het landelijke gemiddelde. In Nederland valt namelijk ongeveer elf procent onder deze doelgroep. Dit blijkt uit de percentages van het Dashboard van Geletterdheid In Zicht. Voor dit dashboard zijn de cijfers van het PIAAC onderzoek in Nederland uit 2019 gebruikt, in combinatie met cijfers van het Centraal Bureau voor Statistiek (CBS) uit 2018. Hoe kan het dat in Groningen dit percentage relatief veel hoger ligt? 

De gemeente Groningen heeft een plan van aanpak tegen laaggeletterdheid geschreven voor de periode van 2023-2024. Doordat er naar verhouding veel laaggeletterden in Groningen onder de doelgroep jongeren vallen, wilde de gemeente in kaart brengen om welke jongeren dit precies gaat en hoe zij hen precies kunnen benaderen. Toch blijkt dat dit de gemeente nog niet goed is gelukt. 

Hoe kan dit?

Linda Hageman is Senior Adviseur op het gebied van Stichting Lezen en Schrijven in de arbeidsmarktregio Groningen. Zij adviseert de gemeente Groningen over hun beleidsontwikkeling en -uitvoering omtrent laaggeletterdheid. Het plan van aanpak van de gemeente, maar ook het plan van aanpak van de Arbeidsmarktregio Groningen, richt zich volgens Hageman nog niet genoeg op de aanpak van laaggeletterdheid onder jongeren. 

Volgens haar is het een keuze geweest van de gemeente om de afgelopen jaren op andere gebieden, zoals volwasseneneducatie, in te zetten. “De gemeente heeft de laatste jaren veel gedaan op het gebied van laaggeletterdheid, maar de jongeren zijn eigenlijk nooit een prioriteit geweest daar in de afgelopen tijd.” Zou dit één van de redenen kunnen zijn waarom het percentage laaggeletterde jongeren in Groningen een stuk hoger ligt dan het landelijke gemiddelde?

Jint Hoeksema is coördinator van de taalambassadeurs in Groningen van Stichting ABC. Een achterliggende oorzaak voor deze percentages kan volgens haar zijn dat er vroeger weinig aandacht is besteed aan laaggeletterde jongeren door de gemeente. Maar Hoeksema denkt ook dat je ergens moet beginnen. “De wereld van laaggeletterdheid is vrij groot, dus je kunt je niet overal op richten.”

Waarom Groningen?

Als we Hoeksema vragen hoe het kan dat er relatief meer jongeren in Groningen laaggeletterd zijn, vertelt ze dat dit komt door de cultuur in Groningen. Vooral in Oost-Groningen ligt het percentage laaggeletterde inwoners erg hoog. 

Volgens Hageman groeien er in de regio Groningen veel kinderen op in taalarme gezinnen. “Zo komen kinderen al met een achterstand in hun basisvaardigheden terecht op school en zo werkt dat door in het onderwijs.” Ook Mariça van de Weerd, manager Programma en Innovatie bij Bilbionet Groningen, de netwerkorganisatie achter de bibliotheken in de provincie Groningen, valt het op dat kinderen in Groningen opgroeien in een taalarme omgeving. “Vader en moeder krijgen kinderen en stimuleren deze vervolgens niet om thuis te lezen.” Volgens haar zijn er plekken in Oost-Groningen waar kinderen uit gezinnen nog nooit buiten hun eigen dorp zijn geweest en daardoor hun grenzen niet hebben verlegd.

Hoeksema is veel in gesprek gegaan met jongeren uit de gemeente Ommelanden en vertelt dat zij weinig ondersteuning in basisvaardigheden kregen vanuit huis uit. Daar zijn veel ouders laaggeletterd. “Laaggeletterdheid is niet erfelijk, maar toch ook weer wel.” Hoeksema vertelt dat de kans klein is dat wanneer je opgroeit in een taalarm gezin, je taalvaardigheden zich goed kunnen ontwikkelen. 

Ook vertelt Hoeksema dat laaggeletterdheid in sommige omgevingen in Groningen genormaliseerd is. “Zodra je merkt dat iedereen in jouw omgeving moeite heeft met lezen en schrijven, dan word je zelf niet gestimuleerd om dit wel te gaan leren of om school af te maken.”

Laaggeletterdheid onder jongeren

Er bestaat nog veel schaamte onder laaggeletterden bij het vragen om hulp. Voor jongeren is deze schaamte nog groter, volgens Adri Carmio, de coördinator van Groningse taalhuizen. Carmio denkt dat dit komt doordat je als jongere net van school komt. Er wordt dan van je verwacht dat je de basisvaardigheden beheerst. “Vertel dan maar eens dat je een brief van de overheid niet snapt.”

Dit zorgt ervoor dat laaggeletterden vaak op latere leeftijd aan de bel trekken. Hoeksema ziet dat laaggeletterden pas hulp zoeken in zogenoemde crisissituaties. Zulke situaties ontstaan wanneer bijvoorbeeld degenen die eerst hulp boden, zoals ouders of partners, overlijden. Laaggeletterden zoeken ook ondersteuning wanneer hun kinderen vragen om voorgelezen te worden.

Maar waardoor ontstaat laaggeletterdheid bij jongeren? “Het begint eigenlijk al thuis”, meent Carmio. Doordat kinderen opgroeien in taalarme gezinnen, is er aan de start van hun schoolcarrière bij jongeren een achterstand ontstaan die amper door de scholen in valt te halen, aldus Carmio.

De overvolle lesprogramma’s van scholen dragen ook bij aan de hoeveelheid laaggeletterde jongeren. Over de jaren zijn er steeds meer onderdelen aan de lesstof toegevoegd, zoals BHV en aandacht voor cultuur. “Ik heb een verschuiving gezien: van ‘wat leer je op school’ naar ‘hoe leuk is school’”, vertelt Carmio, die 25 jaar in het basisonderwijs heeft gewerkt. Hierdoor was er minder tijd beschikbaar voor lessen over de basisvaardigheden, zoals lezen, schrijven en rekenen.

Ook bij vervolgopleidingen wordt minder aandacht besteed aan de basisvaardigheden. Volgens Hageman wordt er binnen het mbo-onderwijs veel ingezet op de praktische kant van het leren. “Mensen zijn dan minder bezig met taal en rekenen, waardoor het wegzakt.”

Hierdoor verlaten jongeren school met een laag niveau in de basisvaardigheden. In de zoektocht naar de eerste baan, wordt daarom vaak gekozen voor praktisch werk, meldt Carmio. Banen waar weinig taal- en rekenvaardigheden voor vereist zijn, zoals schoonmaker of hovenier, blijken dan populair. “Dan krijg je het ‘use it or lose it’ effect: door niet meer te lezen, rekenen en schrijven, verleer je het.” Dus, wat eerder een achterstand was, heeft zich nu ontwikkeld tot laaggeletterdheid. 

“En dat is eigenlijk een vicieuze cirkel”, vertelt Carmio. Omdat steeds meer mensen laaggeletterd van school komen, groeien steeds meer kinderen op in een laaggeletterde situatie. De verwachting is daarom dat het aantal laaggeletterde jongeren zal toenemen. Carmio begrijpt de reacties over laaggeletterdheid dan ook niet. “Mensen zijn altijd erg verbaasd over het aantal laaggeletterden dat van school af komt, maar eigenlijk is dat helemaal niet zo gek.” 

Daarnaast bieden recente technologische ontwikkelingen manieren voor laaggeletterde jongeren om onder de radar te blijven. Hoeksema legt uit dat, in tegenstelling tot oudere laaggeletterden, jongere laaggeletterden vaak wel digitale vaardigheden beheersen. “Zij weten automatisch waar de knop ‘menu’ zit, zonder het woord echt te lezen.” Jongeren gebruiken deze vaardigheden ook binnen hun werk. “Denk aan AI en ChatGPT, waar je nu sollicitatiebrieven mee kunt schrijven.” Zo kunnen jongeren voor langere tijd hun laaggeletterdheid verbergen.

Ondanks dat er uit verschillende instanties hulp beschikbaar is, zoeken laaggeletterde jongeren dit zelden op. Taalhuiscoördinator Carmio merkt op dat jongeren zich nog nooit zelf bij een taalhuis hebben gemeld. “Het is echt alleen op doorverwijzing of misschien een enkele keer dat de één de ander meeneemt”.

Dit zorgt ervoor dat het voor de betrokken partijen lastig is om laaggeletterde jongeren te bereiken. Annet Sonneveld, adviseur laaggeletterdheid bij de GGD, vertelt dat dit komt doordat de doelgroep jongeren net buiten de boot valt. “Ze vallen niet meer binnen de categorie jeugdgezondheidszorg, want dat is tot achttien. De categorie ouders vallen ze ook niet onder, aangezien ze nog geen kinderen hebben. Pas dan komen ze namelijk weer bij het consultatiebureau van de GGD terecht.” 

Bovendien blijkt het herkennen van laaggeletterdheid een lastige opgave. Veel scholen en werkgevers kennen de signalen van laaggeletterdheid niet, waardoor er weinig laaggeletterden worden doorverwezen naar taalhuizen, aldus Hoeksema. En als het herkend wordt, hebben mensen vaak moeite met het aanspreken en doorverwijzen van laaggeletterden, vertelt Sonneveld. “Misschien dat daar toch nog een beetje een taboe op rust.”

Het herkennen van laaggeletterdheid

Maar hoe herken je laaggeletterdheid bij jongeren? “Het algemene signaal is dat het gebruik van taal en rekenen vermeden wordt”, zegt Hageman. Jongeren doen dit in hun dagelijks leven door spraakberichten en foto’s te sturen in plaats van geschreven berichten. En, als er tekstberichten verstuurd worden, dan is dit in straattaal. Ook het scannen van QR-codes is een manier waarop jongeren het gebruik van taal kunnen omzeilen. “Dit doen ze vooral om de aandacht af te leiden van het feit dat ze het eigenlijk niet helemaal goed begrijpen”, legt Carmio uit.

Hierdoor vermijden laaggeletterde jongeren bepaalde situaties, zoals het invullen van formulieren. In hun eentje een bezoek aan het gemeentehuis brengen of een sollicitatie voorbereiden zit er voor laaggeletterde jongeren ook niet snel in. Toch vinden jongeren andere manieren om ervoor te zorgen dat het dit lukt. Jongeren maken dan gebruik van de mensen in hun omgeving die wel geletterd zijn. “Dit doen ze bijvoorbeeld op het moment dat er wordt gevraagd om een sollicitatiebrief te schrijven”, vertelt Hageman. 

Ook vertellen laaggeletterde jongeren vaak verhalen zonder een logische opbouw. Daardoor is er geen begin, midden of eind in de opbouw te herkennen. “Die verhalen gaan via Keulen naar Parijs”, meent Carmio. “Dat is echt een duidelijk verbaal signaal van laaggeletterdheid”.

Wat nu?

Nu het probleem van laaggeletterdheid onder jongeren in Groningen is vastgesteld, is het de vraag hoe het aantal laaggeletterde jongeren teruggedrongen kan worden. Voor de aanpak van laaggeletterdheid is er in de regio een samenwerking tussen verschillende partijen. Tot deze samenwerking behoren de taalhuizen, de bibliotheken, het Forum, Gemeente Groningen, Stichting Lezen en Schrijven, de ROC’s en de GGD. 

Tot nu toe heeft de het plan van aanpak vanuit de gemeente Groningen zich met name gefocust op volwasseneneducatie. Ook zijn er al veel trainingen aan verschillende organisaties rondom de herkenning van laaggeletterdheid. Carmio is naast taalhuiscoördinator ook cursusleider: “Hier leer ik aan organisaties hoe ze laaggeletterdheid kunnen herkennen en hoe laaggeletterden moeten worden doorverwezen.”

Op het moment dat een laaggeletterde wordt doorverwezen, komen zij bij een taalhuis of ROC terecht. Hier worden trajecten voor volwassenen binnen het non-formele volwassenenonderwijs geboden. “Dit betekent dat je geen diploma of certificaat hiervoor kan krijgen”, legt Carmio uit. Binnen dit onderwijs wordt gefocust op het ontwikkelen van de basisvaardigheden. In het taalhuis, komen laaggeletterden eens per week bij elkaar om te oefenen met schrijven, rekenen, luisteren en digitale vaardigheden.

Een andere manier waarop laaggeletterden worden begeleid is door middel van het zogenaamde ‘camouflageaanbod’ van de GGD. De GGD biedt hier cursussen aan over gezondheid, waarbij ze bijvoorbeeld begeleid worden door een diëtiste over bewuste voedingskeuzes. Maar ondertussen wordt er ook aandacht geschonken aan de basisvaardigheden. “De insteek is dus gezondheid, maar tegelijkertijd wordt er gewerkt aan rekenen en taal”, vertelt Sonneveld van de GGD. Aangezien het een moeilijk bereikbare groep is, bieden deze oplossingen echter geen uitkomst voor het hoge aantal laaggeletterde jongeren. 

Hoe zal dit probleem dan worden opgelost? Vanaf volgend jaar, 2025, komt de gemeente met een nieuw plan van aanpak. In dit plan wil de gemeente meer inzetten op het voorkomen van laaggeletterdheid onder jongeren door middel van een gezinsaanpak, vertelt Hageman. “Vanuit een kinderopvang of vanuit het onderwijs zullen ouders meer betrokken worden bij de ontwikkeling van hun eigen kind.” 

Binnen het nieuwe beleid zullen jongeren vaker betrokken worden bij het nadenken over het bereiken van laaggeletterde jongeren. Dit is al gebeurd in de gemeente Ommelanden, waar Hoekstra voor het project ‘Toekomst voor de Jeugd’ met jongeren heeft gepraat over geletterdheid en zelfredzaamheid.

Ook zal de gemeente meer focussen op training voor het herkennen van laaggeletterdheid bij ouders. Dit zal zowel voor professionals zijn die de ouders kunnen doorverwijzen als voor ouders zelf om zich van hun eigen laaggeletterdheid bewust te worden, meldt Hageman. Zo wordt de laaggeletterdheid minder vaak overgedragen. Met dit nieuwe beleid hoopt de gemeente de vicieuze cirkel van laaggeletterdheid te doorbreken.

Geef een reactie